| |
|
Ontegenzeggelijke schoonheid, het
jongensachtige verschijninkje twee tafels verderop.
Ze legt nonchalant haar gedeukte
kinnetje bovenop de dop van haar Mona Vivit en mompelt wat
tegen de Aziate in een foeilelijk azuurblauw
zwangerschapsjurkje met bijpassend foeilijke azuurblauwe
Kipling, die aan haar tafel zit. De orientale eet crackers,
en drinkt uit een
ik-ben-verantwoord-twee-stuks-fruit-in-één-flesje-flesje. De
korte blondstekelige likt aan de dop van haar Vivit.
Onbewust. Ze reageert met een klein bespottend lachje op een
of ander futiel nieuwsbericht dat is verschenen op één van
de overbodige platschermen die ze hier afgelopen zomer en
masse hebben opgehangen.
Jong, naïef, leuk. Het nagenoeg perfecte gezicht voor zo'n
jongetjeskapsel dat in al zijn meisjesheid veel wegheeft van
van een speelse drang tot onderdanigheid. Schud je
Frambozendrankje! Aan de boeken te zien doen ze beiden
dezelfde suffe studie. Iets met bedrijven. Of rechten. Niets
gevaarlijker dan een door studie maatschappij a-kritisch
gemaakte fantasie-loos.
Wezen dat zichzelf voort moet slepen aan cijfers en nog
meer. De Aziaat had ik er wel verwacht. De meeste Aziaten
zijn dan ook foeilelijk en niet uit elkaar te houden. Niet
het blonde schepseltje met het hangertje dat pront tussen
haar kleine borstjes bungelt.
Een hand over haar nek, waar de jonge, soepele haartjes
vrijgevig meebuigen met de vlucht die mijn hand maakt. De
gel lost langzaam op en maakt mijn vingers vet, de styling
onklaar gemasseerd, haar sluike naaktheid blootleggend, een
nauwelijks herkenbaar vrouwenfiguur in wording, nauwer nooit
gehad, nauwelijks geluid, een ononderdrukbaar genotgolfje,
intens plezier, aansporing om meer te gaan, harder, alsof
dat nodig is. Het is net seks met een jongetje. Een
vrouwelijk op een jongen lijkend jongetje.
Ze
staat op, haar lichaam verradend, een jongensachtig hoofd,
doch meer vormen dan haar lief is. Ze bedekt ze. Gered van
het pedoseksuele vooruitzicht immer gevoed door gestrand
latente homoseksuele tendensen neemt de spanning af. Vrouwen
heb ik al gehad. Mannelijke trekken ribbedebie. Tenminste
niet van buiten. Mannen zijn zo onvoorstelbaar goor. Vrouwen
trouwens ook. Ik heb nog nooit zoveel vies uit iets zien
komen als een willekeurig wat uit een willekeurig feminien.
Een meisje, maar een meisje, met een licht ontverlangend
jongenshoofd, neigend naar articulerende botten.
Het moet dan ook wel een meisje zijn. Een vrouw met gewiekt
haar, de 25 sinds tijden voorbij, ontbeert de kwaliteiten zo
broodnodig voor pseudominder-jarigheden. De vrouw die dat
doet kan net zo goed een man zijn, vooral als ze geen vrouw
meer hoeft te zijn. Na dát wat haar vrouw maakt.
Kind-dik-stekel-rodeverf-vies.
Een kind mag niet, een meisje wil niet, een man is vies, een
vrouw wil wel maar dan met alle wanstaltelijkheden van dien,
voor en na, niet vergetend het mannenleven te tergen dat het
geen weerga is. Blijven over de jongetjes, maar dan wel die
met een vagina. |
|
|